16-01-08

Wat vooraf ging: Mont Ventoux 2007

Om eens als een echte man met een echte col kennis te maken, besloten Rudi en ik, zoals zovele prille 50-ers, om de Mont Ventoux op te fietsen.

Als beginnende fietsers en met slechts een paar honderd trainingskilometers in de benen, kwamen wij ergens in augustus 2007 aan in een camping in de streek van de Kale Berg. ’s Anderendaags, voorzichtig een tochtje van 74 km gemaakt om te acclimatiseren. Ik beklom mijn eerste echte col, de Col de Fontaube (lengte ?, 655m hoogteverschil), op reserve, want ’s anderendaags was het de Big Day.

Wij rekenden ons uiteraard niet tot de mietjes en er werd dus resoluut gekozen voor de beklimming vanuit Bédoin, die door de meesten als de moeilijkste wordt beschouwd.

Ik was dus de morgen van B-day behoorlijk zenuwachtig. Het niet halen van de top zou mijn imago van sportieveling en doorzetter immers een flinke deuk bezorgen. Ik zou in het kamp van de losers belanden en een serieuze desillusie rijker zijn.

We besloten om als opwarming in Malaucène te vertrekken, wat ons 12 km tijd gaf om behoorlijk los te rijden. Op onze weg lag de Col de la Madeleine. Gelukkig maar een klein broertje van de Col de la Madeleine in de Alpen en een molshoop in vergelijking met de “echte”, maar ideaal als opwarmertje voor het serieuze werk dat ons te wachten stond.

In Bédoin nog snel een energiereep tussen de kiezen en daar gaan we voor onze eigen “doet ie het of doet ie het niet”-uitdaging.

Zoals verwacht vormden de eerste 5 km, tot de bocht van Estève, geen probleem. Even voor de bocht kan je al een stuk zien van wat er je de volgende 8 km onder de wielen zal geschoven worden. Het begint met 10% stijgingsgraad en dit zakt niet onder de 9 %.Wanneer je een helling van 10 % in profiel ziet, is dat toch even slikken, zeker voor een groentje. Bovendien, zag ik geen andere fietsers met naafversnellingen. Ik begon te twijfelen of een 15 kg wegende Easy Rohler van ID Works met Rohloff-versnellingen wel de keuze goede was. Waar was ik aan begonnen?

Ik wou mij ook houden aan mijn eerder genomen besluit om, uit solidariteit met Rudi, niet kleiner te schakelen dan versnelling 3. Zijn kleinste versnelling stemde namelijk ongeveer overeen met mijn 3. Om naar mijn gevoel deze versnelling vlot rond te draaien trapte ik iets sneller dan Rudi en liet hem dan ook stilaan achter. We hadden immers afgesproken ieder zijn eigen tempo te rijden.

Zowat 2 km verder begon ik te begrijpen wat men bedoelt met “Il faut avoir du respect pour le Géant”. “Le Géant” maakte mij, via een gevoel van beginnende vermoeidheid, duidelijk dat ik voor mijn kunnen te groot trapte. Uit respect voor de reus en wetend dat Rudi een zeer begrijpend en vergevingsgezind iemand was, liet ik mijn solidariteit voor wat ze was en schakelde met nog zowat 14 km voor de boeg naar versnelling 2. Hiermee vond ik gelukkig opnieuw (voorlopig??) het goede ritme. Gerustgesteld door de wetenschap dat ik nog eentje kleiner kon, gaf me dit hoop toch nog de top te kunnen halen.

Op de steilste stukken aarzelde ik nooit lang om ook versnelling 1 te gebruiken. Voor ik aan dit avontuur begon, leek mij dit verzet van 1,60 m per omwenteling van de trappers, belachelijk klein, maar die dag wou ik hiervoor best smalend bekeken worden. Het kon mij geen barst schelen. Als ik de Géant klein wou krijgen, moest ik buigen om niet te barsten en ik had dus geen andere keuze.

Omdat de top halen mijn enige doel was en ik niet voor een scherpe tijd ging, had ik mijn fietscomputer op “tijd” ingesteld. Bovendien, trachtte ik geen aandacht te schenken aan de kilometerpalen. Zo verloor ik elk besef van afstand. Ik bleef ook steeds voor mezelf herhalen dat de top nog onnoemelijk ver weg was, zodat ik niet begon te hopen dat na de volgende bocht de eerste gebouwen van Châlet Renard in zicht zouden komen. Dit zorgde er ook voor dat ik niet te overmoedig werd. Er moest nog wat reserve achter de kuiten gehouden worden voor het kale gedeelte.

Door mijn mentale tactiek, dook Châlet Renard “onverwacht”  snel op, wat me dan weer even vleugels gaf.  Omdat ik de Géant wou bedwingen zonder voet aan de grond te zetten, maar hem toch niet teveel wou uitdagen, reed ik een paar rondjes op de parking van de chalet.  Ik verorberde nog een energiereep en tankte wat vocht bij, om stiekem wat recuperatietijd te nemen.

Dan gingen we voor de laatste lootjes.Gelukkig stond er in dit kale gedeelte niet veel wind. Door de groter wordende vermoeidheid had ik ook nog een zorg minder. Versnelling 1 was ondertussen het maximum haalbare en ik moest mij dus niet meer afvragen of ik niet te groot trapte. Kleiner was toch niet meer mogelijk. Nog maar eens het bewijs dat aan alles een positieve zijde te vinden is, al moet je soms ver zoeken.

“En moulinet” ging het dus zeer traag omhoog. Le Géant bleef mij echter goed gezind, want ik kon de pedalen blijven ronddraaien en haalde na ongeveer 2 uur en 35 minuten de top. De keuze voor mijn Easy Rohler bleek dus toch de goede, met dank aan Fietsen Koen, in Kessel-lo.WEB0016

Enkele minuten later kwam ook Rudi aan. Tijdens een paar trainingstochtjes in de Belgische Ardennen had hij het op de steilere stukken soms moeilijk gehad, zodat ik wat verrast was hem op de top te zien aankomen, na mijn moeizame beklimming en kilometers gemaald te hebben met een miniverzet. Hoe had hij die “grote versnelling” kunnen blijven rondduwen? Ik zou dat nooit voor mekaar gekregen hebben. Rudi, RESPECT!

Boven genoten we van het schitterende uitzicht, vermoeid, maar zeer gelukkig en Ó ZÓ FIER. Wij hadden hem klein gekregen!

O ja, de dag nadien hebben we met dezelfde tactiek de top gehaald vanuit Malaucène en de dag daarna vanuit Sault. Dit hadden we slechts gehoopt in onze stoutste dromen.

Wij beseffen dat voor sommigen een enkelvoudige beklimming van de Mont Ventoux een zondagsritje is, maar voor ons debutanten was dit topsport.  Ieder op zijn niveau.

Wij hebben dit, als groene beginnelingen kunnen presteren, dank zij de vele tips gelezen op www.dekaleberg.nl. Dank zij de bezielers van deze website hebben Rudi en ik een prachtig verhaal om te vertellen aan onze kleinkinderen (mochten die er ooit komen).

P.S. Deze positieve ervaring met het beklimmen van een col zorgde er voor dat mijn “uitdaging-droom”: het volbrengen van de 100 cols tocht in Franrijk, er maar eens moet van komen: een tocht van ongeveer 4.000 km met zowat alle bekende cols (meer dan 100 cols in totaal + meer dan 90 côtes) (http://home.planet.nl/~honderd.cols/). Het plan is om in 2009 de tocht te volbrengen met pak en zak, weliswaar over een periode die tot 3 maanden zou kunnen uitlopen. Het is eveneens de bedoeling om tegelijkertijd sponsoring in te zamelen voor de vzw Kids For Uganda (www.uganda.be) via het laten sponsoren van cols en/of afgelegde kilometers. De 100 cols tocht is uiteraard andere koek dan een enkelvoudige beklimming van de Mont Ventoux. We zijn dan ook al met de trainingen begonnen.

22:29 Gepost door jan in Fietsen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: mont ventoux, fietsen koen |  Facebook |